Eenvoudige uitbreiding toegang tot vingerafdrukken

Vanaf maandag moet iedere burger die een paspoort aanvraagt, bij de gemeente vier vingerafdrukken laten afnemen. Twee daarvan komen op een chip op het paspoort. Alle vier worden ze opgeslagen – voorlopig decentraal, maar uiteindelijk moeten alle vingerafdrukken in een centrale "reisdocumentenadministratie" terechtkomen. De toegang tot die wet wordt onder meer geregeld via "lagere wetgeving". Dat maakt aanpassen van bevoegdheden eenvoudig.

In het NRC staat vandaag een artikel over de Paspoortwet:

Vanaf maandag moet iedere burger die een paspoort aanvraagt, bij de gemeente vier vingerafdrukken laten afnemen. Twee daarvan komen op een chip op het paspoort. Alle vier worden ze opgeslagen – voorlopig decentraal, maar uiteindelijk moeten alle vingerafdrukken in een centrale "reisdocumentenadministratie" terechtkomen.

De vingerafdrukken worden vanaf maandag per uitgiftepunt opgeslagen, zoals nu ook met de paspoortgegevens gebeurt. "We moeten de centrale database nog bouwen. De aanbesteding ervan moet zelfs nog beginnen", aldus staatssecretaris Bijleveld (Binnenlandse Zaken, CDA). "Wanneer de centrale opslag klaar is, kan ik echt niet zeggen, al zal het geen jaren meer duren." Deze tijdelijke opslag vind Annemarie Sprokkereef "de slechtste situatie denkbaar". Zij werkt voor het Tilburg Institute for Law, Technology and Society van de Universiteit Tilburg en verricht onderzoek naar de privacygevoeligheid, de betrouwbaarheid van vingerafdrukken, irisscans, en andere biometrische toepassingen. Omdat het een tussenfase is, is een aantal essentiële zaken, zoals wie toegang krijgt tot de gegevens, volgens haar niet goed geregeld. Ook bestaat de vrees dat vingerafdrukken aan de verkeerde personen worden gekoppeld. Verschillende wetenschappers wijzen erop dat de administratie van burgerservicenummers niet op orde is. Dan zouden iemands vingerafdrukken aan het burgerservicenummer van een andere persoon kunnen worden toegewezen. Staatssecretaris Bijleveld ontkent dat er problemen zijn met de burgerservicenummers. Wat de beveiliging van de databases betreft erkende de staatssecretaris in de Eerste Kamer dat er geen "absolute zekerheid" is dat de systemen niet worden gekraakt. Maar volgens haar voldoet het "Reisdocumenten Aanvraag en Archief Station" waarin de gemeenten vingerafdrukken nu voorlopig opslaan, aan de hoogste beveiligingseisen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken wil de centrale databank gaan gebruiken als extra check voor identiteitsfraude: wie onder een andere identiteit een tweede paspoort aanvraagt, kan worden ontmaskerd doordat zijn vingerafdruk al in het bestand staat. Ook kan de database handig zijn als het paspoort kwijt of gestolen is. Met de vingerafdruk in het centrale bestand kan overal de identiteit worden vastgesteld van de persoon die zijn paspoort niet meer heeft. Het tegengaan van identiteitsfraude was niet de enige reden voor het centrale register. "Opsporingsdiensten en vervolging van strafbare feiten" staat ook als doel in de nieuwe Paspoortwet. Evenals "het verrichten van onderzoek naar handelingen die een bedreiging vormen voor de veiligheid van de staat". De strijd tegen terrorisme dus – in 2004, toen het wetsvoorstel werd ingediend, was de angst voor een terroristische aanslag in Nederland volop aanwezig. Zo krijgt ook de veiligheidsdienst AIVD toegang tot de vingerafdrukken.

Staatssecretaris Bijleveld benadrukt dat justitie de centrale database met vingerafdrukken alleen ter identificatie van verdachten mag gebruiken. "Op de plaats van een misdrijf een vingerafdruk aantreffen en daar in de database een verdachte bij zoeken, mag absoluut niet", aldus Bijleveld. De Paspoortwet doet iets anders vermoeden. De verstrekking van "gegevens betreffende de vingerafdruk" mag volgens artikel 4 ook "in het belang van het onderzoek in geval van een misdrijf waarvoor verloopige hechtenis is toegelaten". Bijleveld bezweer dat de beperking tot identificatie door justitie nog in lagere wetgeving wordt vastgelegd. "Voor justitie is dat handig, want om later alsnog de bevoegdheid tot opsporing te krijgen hoeft dan alleen die lagere wetgeving te worden aangepast en niet de Paspoortwet", zegt Quirine Eijkman, onderzoeker en docent terrorisme en contraterrorisme aan de Universiteit Leiden.