Wel toegang tot km-prijs gegevens voor opsporing

De Wet bescherming persoonsgegevens kent al voldoende ruimte voor opsporingsdiensten voor toegang tot de persoonsgegevens die verzameld worden ten behoeve van de Wet Kilometerprijs. Na invoering van de Wet Kilometerprijs worden alle auto's voorzien van een GPS die bijhoudt wie, waar en wanneer gereden heeft.

Het ministerie gaf aan dat de privacy van de burger geen gevaar zou lopen en dat de informatie enkel en alleen bij een inningskantoor zou terecht komen. Later gaf het minsterie aan niet uit te sluiten dat de informatie niet ook voor andere doeleinden gebruikt zou worden. In de Memorie van Toelichting staat over de gegevens die naar het inningsbureau worden gestuurd:

Het gebruik van deze gegevens mag alleen plaatsvinden voor zover noodzakelijk voor de inning en de handhaving van de kilometerprijs. Het gaat hier bijvoorbeeld om de NAW- gegevens van de houder, de geaggregeerde gebruiksgegevens en het kenteken van het voertuig. Verplaatsingsgegevens kunnen echter ook inzicht bieden in het verplaatsingsgedrag van de houder en die persoonsgegevens verdienen in dit verband bijzondere aandacht. Uitgangspunt is dat deze gegevens nimmer ter beschikking komen aan de RDW en het inningsbureau (CJIB).

Een andere partij mag enkel en alleen bij de gegevens als de eigenaar daarvoor toestemming verleend:

ls de houder gebruik maakt van een erkende dienstverlener, is het de houder die bepaalt of die dienstverlener de beschikking mag krijgen over zijn verplaatsingsgegevens. Hij dient daartoe uitdrukkelijk en ondubbelzinnig toestemming te verlenen aan de erkende dienstverlener en uit die toestemming moet blijken waarover deze zich uitstrekt.

Maar, de MvT wijst ook op de overige wetgeving en dan blijkt dat bijvoorbeeld politie wel bij de gegevens mag:

De persoonsgegevens mogen niet verder worden verwerkt op een wijze die onverenigbaar is met de doeleinden waarvoor ze zijn verkregen. De Wbp geeft in artikel 9 aan met welke aspecten de verantwoordelijke rekening moet houden bij de beoordeling of een verwerking al dan niet verenigbaar is. Die belangenafweging blijft buiten toepassing als het gaat om bijvoorbeeld de voorkoming, opsporing en vervolging van strafbare feiten of om de veiligheid van de Staat. In die gevallen mogen de gegevens worden gebruikt.

De MvT schrijft verder over de bewaartermijn:

De persoonsgegevens worden niet langer bewaard dan nodig. De persoonsgegevens met betrekking tot de verschuldigde kilometerprijs en de betaling/invordering daarvan worden bewaard tot vijf jaar na het einde van het kalenderjaar waarin er geen te betalen bedrag meer resteert. De persoonsgegevens die zijn verkregen bij het toezicht op de naleving en de handhaving worden ook gedurende ten hoogste vijf jaar bewaard.