Internet geen eerste levensbehoefte, zegt regering

Uit een nieuwe nota over een voorstel voor het wijzigen van de Telecommunicatiewet blijkt dat de regering het internet niet als een eerste levensbehoefte ziet. Gebruikers moeten kunnen worden afgesloten, zolang daar maar voldoende waarborgen zijn.

In de nota schrijft de regering:

Het is volgens de regering niet wenselijk om aanbieders te verbieden om gebruikers af te sluiten van internet als ze hun rekening niet betalen, zoals bij elektriciteit in bepaalde omstandigheden het geval is. De beschikbaarheid van internet is weliswaar belangrijk, maar toch minder essentieel voor het dagelijks functioneren dan elektriciteit. Huishoudens en bedrijven kunnen immers niet goed functioneren zonder elektriciteit, omdat het zonder elektriciteit niet goed mogelijk is om te voorzien in primaire levensbehoeften zoals voedsel en warmte. Toegang tot internet is naar zijn aard geen primaire levensbehoefte en blijft ook mogelijk zonder een eigen aansluiting. Daarom is het niet nodig om voor internet een uitzondering te maken op de algemene regel dat de levering direct kanworden gestaakt bij wanbetaling.

Uiteraard is het belangrijk dat gebruikers gemakkelijk toegang hebben tot internet en niet te snel worden afgesloten. In het nieuwe Europees regelgevend kader voor de elektronische communicatiesector is daartoe een nieuwe bepaling opgenomen (artikel 1, lid 3bis, Kaderrichtlijn) die het belang van toegang tot internet onderstreept, niet alleen om informatie te vergaren maar ook om informatie te verspreiden. […] Deze bepaling is alleen gericht tot lidstaten en bijvoorbeeld niet van toepassing op bedrijven die internetdiensten aanbieden. Daarvoor geldt de algemene rechtsbescherming en kan de consument bij vermeende onrechtmatige afsluiting een geschilprocedure starten of de rechter inschakelen.