Brief over commercieel getinte Wob-verzoeken (Veiligheid en Justitie)

Afbeelding: Alexandre Duret-Lutz

Twee parlementsleden stelden eind december vragen aan de ministers van Veiligheid en Justitie en van Binnenlandse Zaken over de administratieve lasten van commercieel getinte Wob-verzoeken. De vragen waren ingegeven naar aanleiding van een brief van een politiemedewerker. Met een beroep op diezelfde wet is de brief nu ook openbaar.

Verzoek

In de kamervragen wordt verwezen naar een bijgevoegd bericht, waarin een politiemedewerker vertelt over de uitvoering van een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) voor het vervullen van een commerciële sms-dienst. In het parlementaire documentatiesysteem is de brief niet terug te vinden. In het antwoord op de kamervragen is aangegeven dat het bericht onderhands aan de bewindspersoon is toegezonden.

Deze brief is aanleiding voor de minister om met een wetsvoorstel te komen voor het wijzigingen van de Wet openbaarheid van bestuur. De minister wil overheidsorganen de mogelijkheid geven om de proportionaliteit van het afhandelen mee te wegen. De brief is daarmee relevant in de discussie over dit voorstel. Met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur vraag ik het ministerie van Binnenlandse Zaken dit bericht van de politiemedewerker openbaar te maken.

Beslissing

De minister van Binnenlandse Zaken geeft in een reactie aan dat de brief aan het ministerie van Veiligheid en Justitie is gestuurd. Om die stuurt Binnenlandse Zaken mijn verzoek door.

Het ministerie van Veiligheid en Justitie beslist op 13 april en maakt de brief openbaar. Uit de e-mail van die politiemedewerker:

Recent werd mijn korps, net als alle andere, benaderd met de vraag mee te werken aan de uitvraag inzake een WOB-verzoek (via het landelijk NPI). Nu is dat op zich niet zo bijzonder, dus aanvankelijk gingen we daar mee aan de slag. Nader overleg met het NPI leerde mij dat dit verzoek ging om een commercieel bureau dat criminaliteitsgegevens wil uitnutten om een SMS-dienst op te zetten. Globaal wil men de klant op basis van een postcode informeren hoe crimineel hun buurt is. Datzelfde overleg leerde ook dat juridisch gezien wij als overheid kennelijk niets kunnen inbrengen tegen zo’n verzoek.

Ik wend me tot u omdat ik het toch wel wonderlijk vind dat wij als politiekorps, schaarse capaciteit en middelen moeten inzetten om te voldoen aan een verzoek, louter om de commerciële belangen van een “sms-boer” te dienen. Ik kan me niet voorstellen dat daarvoor de WOB is bedoeld. Natuurlijk vind ik ook dat wij als overheidsorgaan openheid van zaken moeten geven, en in dit geval doen we dat bijvoorbeeld al door publicatie van een jaarverslag, het leveren van gegevens op detailniveau aan het CBS en jaarlijks ook de gegevens voor de AD-misdaadmeter. Allemaal voorbeelden waarbij het algemeen belang gediend is, in dit geval echter lijkt me dat er slechts één belang is, de bankrekening van die SMS-meneer.