Minister begint onderzoek naar praktijk tappen

In een brief aan de Tweede Kamer schrijft de minister dat het WODC een onderzoek zal doen naar de tappraktijk in Nederland. De resultaten worden niet voor najaar 2011 verwacht.

De minister schrijft in de brief:

Het doel van dit onderzoek is inzicht te verkrijgen in het feitelijke gebruik van debijzondere opsporingsmethode van de telefoon- en internettap in de opsporing, vervolging en bewijsvoering in strafzaken. Tevens beoogt het onderzoek inzicht te bieden in de wijze waarop rechters commissarissen (RC’s) omgaan met het opvordering van de officier van justitie verlenen van de machtiging voor een tapbevel en in de redenen waarom en mate waarin zij al dan niet overgaan tothet verlenen van een machtiging. Voorts beoogt het onderzoek inzicht te verschaffen in de naleving van de verplichting tot notificatie in de praktijk.

Een tweede doel van het onderzoek is inzicht te bieden in de wijze waarop de tapin de ons omringende landen wordt ingezet, waarbij wordt beoogd eventuele verschillen in het gebruik van dit opsporingsmiddel te verklaren.

Over de termijn waarop de resultaten kunnen worden verwacht:

Recentelijk heeft het Wetenschappelijk Onderzoeks en Documentatie Centrum (WODC) mij geïnformeerd over de uitvoering, de start en de doorlooptijd van het onderzoek. Het onderzoek zal inoktober van dit jaar starten. In het najaar van 2011 zullen de resultaten beschikbaar komen.