Visie minister op modernisering auteursrecht

In een brief aan de Tweede Kamer schrijft de minister van Veiligheid en Justitie hoe hij het auteursrecht de komende jaren wil moderniseren. Met een internetfilter moeten, onder voorwaarden, buitenlandse website geblokkeerd kunnen worden.

In zijn speerpuntenbrief schrijft hij:

De bescherming van auteursrechten op internet is alleen effectief als er voldoende legale modellen beschikbaar zijn die voor consumenten aantrekkelijk en gebruiksvriendelijk zijn. De legale markt voor muziek, films en e-boeken wordt op dit moment echter sterk gehinderd door de grootschalige en kosteloze uitwisseling van bestanden. Voor legale aanbieders is concurreren met het kosteloze aanbod niet realistisch. […]

Het auteursrecht mag geen belemmering zijn voor de opkomst van innovatieve bedrijfsmodellen, maar moet die juist faciliteren. Het auteurscontractenrecht (speerpunt 2) kan hier een rol vervullen. Hetzelfde geldt voor Europese initiatieven die territoriale restricties voor licentiëring trachten weg te nemen (speerpunt 4). Om de economische waarde van het auteursrecht ook in de digitale omgeving te behouden, is daarnaast een civielrechtelijk handhavingskader nodig waarmee websites en diensten kunnen worden bestreden die de onrechtmatige uitwisseling van auteursrechtelijk beschermd materiaal faciliteren. Dit zal een afgewogen handhavingskader moeten zijn waarin een rechtvaardige balans wordt gevonden tussen de bescherming van rechthebbenden en het belang van een open internet. Er mag geen sprake zijn van het criminaliseren van internetgebruikers of het afsluiten van internet. Er komt geen zogenaamde ‘three-strikes-wetgeving’ zoals die in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk is ingevoerd. Die benadering staat haaks op het streven van dit kabinet om een open en toegankelijk internet te bevorderen.

Het handhavingsmodel dat mij voor ogen staat, hanteert de volgende uitgangspunten:

  • Een civielrechtelijke benadering die ervoor zorgt dat rechthebbenden over adequate middelen beschikken om hun verdienmodellen te beschermen tegen illegale concurrentie.
  • De handhaving richten op de commerciële websites en diensten die de kosteloze, niet door de auteursrechthebbende geautoriseerde uitwisseling van bestanden faciliteren (inbreukfaciliterende websites en diensten). Een aanpak die is gericht op de websites sluit het beste aan bij de verwachte technologische ontwikkeling dat het downloaden steeds meer zal worden vervangen door streaming. […]
  • Niet handhaven bij consumenten die op beperkte schaal bestanden up- en downloaden, omdat het niet effectief is en rechtsongelijkheid creëert nu niet iedereen kan worden aangesproken. Als rechthebbenden hun rechten willen beschermen, dan kan dat door gebruik te maken van technische voorzieningen die werken beschermen of waarborgen dat deze alleen tegen betaling beschikbaar zijn (legaal aanbod). Er komen wettelijke waarborgen die ervoor zorgen dat rechthebbenden geen afgifte van persoonsgegevens kunnen afdwingen van consumenten die op beperkte schaal up- en downloaden. Afgifte mag alleen aan de orde zijn als de rechter heeft vastgesteld dat iemand zich schuldig heeft gemaakt aan grootschalige auteursrechtinbreuken en als het niet mogelijk is gebleken om de websitebeheerder of de hosting provider effectief aan te spreken.
  • Met rechthebbenden wil ik afspraken maken over de wijze van handhaving en over het structureel vergroten en verbeteren van het aanbod van nieuwe legale verdienmodellen en over gezamenlijke voorlichting aan consumenten over het belang van rechtmatig gebruik. Inmiddels is er een aantal nieuwe, legale diensten beschikbaar, bijvoorbeeld voor streaming van muziek en video on demand. Als het legale aanbod voor consumenten verbetert, kan het illegale aanbod effectiever worden bestreden. […]

Om ervoor te zorgen dat rechthebbenden effectief kunnen optreden tegen websites en diensten die auteursrechtinbreuken faciliteren, zijn twee wettelijke maatregelen nodig.

De eerste wettelijke maatregel is het recht van de rechthebbende om downloaden uit evident illegale bron te verbieden. Dit is een civielrechtelijke maatregel. Er zijn verschillende goede redenen om te bepalen dat niet alleen het uploaden, maar ook het downloaden uit evident illegale bron onrechtmatig is (en dus niet langer onder de thuiskopie-exceptie valt). Voor games en andere software geldt al geruime tijd dat het downloaden uit illegale bron onrechtmatig is (artikel 45n Auteurswet), zonder dat dit tot een verzwaring van de handhavingspraktijk heeft geleid. Dit uitgangspunt wordt nu doorgetrokken naar andere auteursrechtelijk beschermde werken, zoals films en muziek. Inbreukfaciliterende websites en diensten kunnen zich bovendien niet meer verschuilen achter het argument dat zij alleen het downloaden en niet het uploaden faciliteren.

Ik hecht eraan op te merken dat er geen sprake is van criminalisering, omdat het downloaden uit evident illegale bron onrechtmatig wordt (civielrechtelijk) en niet strafbaar.De tweede wettelijke maatregel bestaat uit het bieden van mogelijkheden aan rechthebbenden om op te treden tegen inbreukfaciliterende websites en diensten die zich in het buitenland bevinden en gebruik maken van een buitenlandse hosting provider. Op grond van de bestaande jurisprudentie en de regeling voor internet service providers in de richtlijn elektronische handel is het al mogelijk om inbreukfaciliterende websites en diensten uit Nederland tot sluiting te dwingen. De notice-and-take-down gedragscode speelt hierbij een rol. Een in Nederland gevestigde p2p filesharing website die inbreuk op auteursrechten stelselmatig faciliteert en bevordert, handelt onrechtmatig jegens de rechthebbenden en kan door de rechter worden gedwongen tot staking van de activiteiten.10 Indien een Nederlandse of buitenlandse website of dienst gebruik maakt van een Nederlandse hosting provider, dan geldt op grond van de jurisprudentie dat de hosting provider onder bepaalde voorwaarden en na tussenkomst van de rechter het contract met dergelijke websites moet beëindigen (d.w.z. de desbetreffende site van het internet moet verwijderen) of de NAW-gegevens van websitebeheerders moet afgeven. […]

Het gaat dus om blokkering van websites in specifieke gevallen waarin de rechthebbenden hebben aangetoond dat de website een onrechtmatig karakter heeft en niet om het opleggen van een toezichtverplichting aan access providers. De rol van de access providers is dus uitvoerend. Een dergelijke blokkade door accessproviders is alleen aan de orde na tussenkomst van de rechter en uitsluitend als het niet mogelijk is gebleken om de websitebeheerder of de hosting provider aan te spreken. Het is dus een ultimum remedium.