Voorwaarden aan inzage electronisch dossier

Uit een brief die minister Klink van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de Eerste Kamer heeft gestuurd blijkt dat een arts eerst toestemming van de patient moet hebben voor het inzien van het patienten dossier.

Een arts mag niet zonder meer een electronisch patienten dossier van een patient inkijken. Uit een brief die minister Klink van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de Eerste Kamer heeft gestuurd blijkt dat een arts eerst toestemming van de patient moet hebben voor het inzien van het patienten dossier. De minister schrijft:

Niet alle informatie uit een medisch dossier wordt uitgewisseld. Het EPD bevat gegevens die noodzakelijk zijn voor de behandeling, het zogenaamde noodzakelijkheidscriterium. Welke gegevens noodzakelijk zijn voor het verlenen van goede zorg en daarmee in aanmerking komen voor uitwisseling via het EPD, wordt in overleg met de beroepsgroepen bepaald. Ook wordt afgesproken wie welke gegevens kan inzien.

Om de rechten van de patiënt en de mogelijkheid voor het maken van bezwaar zo goed mogelijk te borgen, is gekozen voor een systeem van geen bezwaar met informed consent. Dit betekent dat alle huishoudens via een mailing voorafgaand aan de brede landelijke invoering worden voorgelicht over het EPD en de mogelijkheid tot het maken van bezwaar. Gedurende een periode van zes weken voordat er een EPD kan worden ‘aangemaakt’ in het LSP, kan men op voorhand bezwaar maken tegen deelname aan het EPD. De burger kan een bezwaar op elk moment intrekken of juist later alsnog instellen.

Voor het raadplegen van gegevens door een behandelaar is toestemming van de patiënt nodig. Een behandelend arts zal dus altijd eerst toestemming vragen aan de patiënt voordat hij de in het EPD beschikbare gegevens mag inzien. De toestemming bij raadplegen geldt niet in geval van noodsituaties waarbij het vragen van toestemming niet mogelijk is en raadpleging noodzakelijk kan zijn voor de behandeling.

De zorgconsument kan bij het Informatiepunt BSN in de zorg en landelijk EPD inzage krijgen in de loggingsgegevens, oftewel wie gegevens heeft aangemeld en/of geraadpleegd. Het Informatiepunt zal daarbij de identiteit van patiënten op deugdelijke wijze vaststellen. Het is de bedoeling dat de patiënt, zodra de daarvoor benodigde voorzieningen zijn ontwikkeld, ook rechtstreeks op elektronische wijze zijn medische gegevens kan inzien. Voorts kan de patiënt bij het Informatiepunt aangeven dat hij niet wil deelnemen aan het EPD. Hij kan ook bij het informatiepunt aangeven bepaalde zorgaanbieders of categorieën zorgaanbieders geen toegang te willen verlenen tot zijn gegevens.

Naar aanleiding van het advies van het CBP over het wetsvoorstel waarmee het EPD wordt geregeld, zijn de eisen voor beveiliging nog verder aangescherpt. Om toegang te krijgen tot het EPD moet een zorgaanbieder een behandelrelatie hebben met de patiënt. Deze behandelrelatie moet worden vastgesteld voordat toegang wordt gegeven. Het systeem is zo ingericht dat de behandelrelatie wordt geregistreerd op het moment dat een zorgaanbieder gegevens over een patiënt heeft aangemeld bij het LSP.