Wetsvoorstel: no hits kentekencamera’s vier weken opslaan

Het Ministerie van Veiligheid en Justitie kwam vandaag met het wetsvoorstel dat het mogelijk moet maken om kentekens van passerende auto's te scannen en vier weken te bewaren.

Het wetsvoorstel "Wijziging van het Wetboek van Strafvordering in verband met de regeling van het vastleggen en bewaren van kentekengegevens door de politie" luidt:

Een opsporingsambtenaar is bevoegd op of aan de openbare weg kentekengegevens van voertuigen met behulp van een technisch hulpmiddel vast te leggen ten behoeve van a. de opsporing van strafbare feiten; b. de aanhouding van personen als bedoeld in artikel 564 van het Wetboek van Strafvordering. De aanwezigheid van het technisch hulpmiddel wordt op duidelijke wijze kenbaar gemaakt.

De kentekens en de met de kentekens samenhangende gegevens betreffende locatie, tijdstip en de opname van het voertuig kunnen worden bewaard gedurende een periode van vier weken na de datum van de vastlegging.

[…]

Uit de Memorie van Toelichting:

Voorgesteld wordt in het Wetboek van Strafvordering een bevoegdheid op te nemen tot het vastleggen en bewaren van kentekengegevens, zodat deze op een later tijdstip kunnen worden geraadpleegd ten behoeve van de opsporing van strafbare feiten of de aanhouding van personen. Met het bewaren van deze gegevens wordt het mogelijk na te gaan of voertuigen op een bepaald tijdstip op een bepaalde locatie aanwezig zijn geweest. Ook wordt het mogelijk aan de hand van kentekens de bewegingen van voertuigen na te gaan.

Uit de hier besproken zaken blijkt dat het achteraf kunnen raadplegen van kentekengegevens van voertuigen, belangrijk is voor de opsporing van ernstige misdrijven, ook als het gaat om no hits, dat wil zeggen gegevens die op het moment waarop ze worden vastgelegd niet van belang zijn voor de uitvoering van de politietaak. Een wettelijke basis hiervoor ontbreekt echter. Ik ben van mening dat hiervoor een wettelijke basis moet worden geschapen.

Cijfers over de aantallen misdrijven die per jaar kunnen worden opgelost indien alle door de politie vastgelegde kentekengegevens gedurende een bepaalde periode mogen worden bewaard, kunnen niet worden gegeven. De ervaringen met het gebruik van bewaarde kentekengegevens ten behoeve van de opsporing zijn namelijk beperkt. […]

Uit het onderzoek van Regioplan blijkt ook dat – hoewel de politie casuïstiek voorhanden heeft waaruit de meerwaarde van ANPR blijkt – nader onderzoek nodig is om het inzicht in de effectiviteit van ANPR toepassingen in de opsporing verder te vergroten.

Wanneer dit wetsvoorstel kracht van wet krijgt en in werking treedt, kan inzicht worden verkregen in de aantallen misdrijven die per jaar met behulp van het bewaren van kentekengegevens kunnen worden opgelost. In het wetsvoorstel is een zogenaamde horizonbepaling opgenomen. Dit betekent dat de voorgestelde bevoegdheid tot het bewaren van kentekengegevens na inwerkingtreding van de wet in beginsel voor slechts drie jaar van kracht is, tenzij bij Koninklijk Besluit anders wordt besloten.

Drie jaar na inwerkingtreding van de wet wordt – zoals hiervoor aan de orde kwam – de effectiviteit van de bevoegdheid beoordeeld. De duur van de bewaartermijn zal hierbij opnieuw aan de orde komen.

Voorgesteld wordt dat de kentekens en de met de kentekens samenhangende gegevens betreffende locatie, tijdstip en de foto-opname van het voertuig kunnen worden bewaard. De camera’s die worden gebruikt voor de automatische kentekenherkenning maken een foto van de voor- of achterkant van alle voorbijkomende voertuigen. Daaruit wordt het kenteken in een bestand vastgelegd. Het kenteken is met het oog op de herkenning het belangrijkste element, maar de foto zal een groter deel van het voertuig kunnen omvatten. Zo kunnen het merk en de kleur ook worden vastgelegd. Dit kan van belang zijn om in een concrete zaak te kunnen controleren of het gaat om het gezochte voertuig. De bestuurder of eventuele passagiers zullen wellicht wel te zien zijn, maar op basis van de huidige stand van de techniek naar verwachting niet herkenbaar, aldus het CBP op blz. 10 van de Richtsnoeren. Wanneer de techniek verder voortschrijdt, worden de beelden wellicht beter van kwaliteit en zullen bestuurder en passagiers wel herkenbaar zijn. Het is echter niet te verwachten dat dit op korte termijn mogelijk zal zijn.

Naast het kenteken en de foto van het voertuig, worden ook de gegevens over de locatie, de datum en het tijdstip bewaard. Met behulp van deze gegevens is het mogelijk om de aanwezigheid van een voertuig op een bepaald tijdstip op een bepaalde plaats vast te stellen en kunnen de bewaarde kentekens waarde hebben voor de opsporing van strafbare feiten. Ook wordt het mogelijk aan de hand van kentekens de bewegingen van voertuigen na te gaan. De naam van de persoon op wiens naam het kenteken staat, wordt niet bewaard. De naam wordt pas bekend wanneer in een concrete zaak over een bepaald kenteken navraag wordt gedaan bij het kentekenregister.

In het voorgestelde artikel 126jj Sv wordt bepaald dat de bewaarde gegevens kunnen worden gebruikt in geval van verdenking van een strafbaar feit. […] Tevens is bepaald dat de bewaarde gegevens kunnen worden gebruikt voor de aanhouding van een voortvluchtige verdachte of veroordeelde persoon als bedoeld in artikel 564 Sv.

In het kentekenregister van de Rijksdienst voor het wegverkeer kunnen de bij de verdachte of veroordeelde behorende kentekengegevens worden opgezocht (artikel 44 WVW1994). Deze kunnen langs geautomatiseerde weg worden vergeleken met de bewaarde kentekengegevens. Indien de gegevens overeenkomen, kunnen deze voor het opsporingsonderzoek of de aanhouding worden gebruikt. In artikel 126jj zelf is de toegang tot de bewaarde kentekengegevens niet voorbehouden aan slechts een beperkt aantal opsporingsambtenaren. De reden hiervan is dat de Wpg reeds waarborgen biedt terzake van de toegang tot politiegegevens. Overeenkomstig artikel 6, tweede lid, van de Wpg hebben alleen politie-ambtenaren die daarvoor zijn geautoriseerd toegang tot de vastgelegde gegevens.

Bezien wordt of ook de camera’s die door de politie en het openbaar ministerie worden gebruikt voor verkeerscontroles, kunnen worden ingezet voor toepassing van de voorgestelde bevoegdheid tot het vastleggen en bewaren van kentekengegevens. Het gaat hierbij om de zogenaamde flitspalen en de camera’s die worden gebruikt voor trajectcontroles. 

Tenslotte kan worden vermeld dat het mogelijk is om de met behulp van camera’s door de politie vastgelegde kentekengegevens op een centrale plaats te bewaren. Daardoor kunnen kentekengegevens die met behulp van camera’s in verschillende delen van het land zijn vastgelegd, worden verwerkt ten behoeve van de doelen van het voorgestelde artikel 126jj.

Het vastleggen en bewaren van zogenaamde hits past dus binnen artikel 2 van de Politiewet 1993 en het stelsel van de Wpg. Anders is dat voor het vastleggen en bewaren van kentekengegevens die geen hit opleveren. Dit betreft kentekens van voertuigen die toebehoren aan personen die op het moment van de vastlegging van de kentekengegevens niet de aandacht van de politie behoeven. Verwerking van die gegevens past daarom, binnen de huidige wetgeving, niet binnen de uitvoering van de politietaak van artikel 2 van de Politiewet 1993. De uitvoering van die taak kan in beginsel niet strekken tot het vastleggen van kentekengegevens van burgers, indien daartoe op dat moment geen aanleiding bestaat. Daarom is dit zonder expliciete wettelijke regeling niet mogelijk. Evenmin biedt de Wpg thans mogelijkheden om deze gegevens te verwerken. […] Om de bewaring van deze gegevens mogelijk te maken, teneinde deze achteraf ten behoeve van de opsporing van strafbare feiten te kunnen raadplegen, is dan ook expliciete wettelijke basis vereist. Voorgesteld

Voor het bewaren van kentekengegevens kan gebruik worden gemaakt van dezelfde camera’s als voor de automatische kentekenherkenning waarbij opvolging wordt gegeven aan hits. In 2010 beschikten de politiekorpsen over 26 locaties met vaste camera’s en 78 mobiele ANPRcamera’s.