WRR uit vernietigende kritiek op biometrisch paspoort

Vandaag is het rapport Happy Landings? Het biometrisch paspoort als zwarte doos van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) verschenen. Behalve dat het rapport vernietigende kritiek op de nieuwe Paspoortwet heeft is het ook erg kritisch over het functioneren van parlementaire controle en de media. 

In het rapport is onder meer te lezen:

In de recente parlementaire geschiedenis van het biometrische paspoort lijkt zowel door de meeste politieke partijen als van regeringszijde op relatief oppervlakkige wijze aandacht te zijn besteed aan de privacy van de burger. Bij de nieuwe Paspoortwet stelde men zich collectief ten doel om (vrijwel ongekwantificeerde) look-alike fraude te gaan bestrijden en dit primaire doel heiligde blijkbaar de middelen, inclusief grootschalige, amper beproefde middelen waarvan algemeen werd toegegeven dat die een inbreuk op de privacy van alle burgers zouden maken. Van regeringszijde (en ook door de PvdA-fractie) werd hierbij voornamelijk aangevoerd dat van grote veranderingen in de bestaande juridische situatie (inclusief opsporing en vervolging) geen sprake zou zijn, en dat daarom de privacy voldoende gewaarborgd zou zijn.

De veiligheid van centrale opslag werd van regeringszijde met name gesteld, maar nauwelijks parlementair bediscussieerd en vervolgens onaangetoond gelaten.

Dit gebrek aan transparantie gold (en geldt) ook op internationaal en Europees niveau: voor de burger was en is het volstrekt onduidelijk wat zich op het terrein van biometrie afspeelt bij ICAO, de EU en de Raad van Europa alsmede tussen de VS, de EU en Nederland onderling (en de industriële lobby daaromheen), laat staan dat de burger zijn of haar eigen overheid of andere overheden hierop kan (laten) aanspreken. […]

Op nationaal niveau is het de laatste jaren niet beter gesteld: in de recente parlementaire geschiedenis van de nieuwe Paspoortwet blijft volstrekt onbekend welke binnen- en buitenlandse partijen bij een en ander betrokken zijn en wat hun belangen daarbij (geweest) zijn. Van enige kwantificering van look-alike fraude was evenmin sprake.

Verder dient de nieuwe Paspoortwet nog grotendeels te worden uitgewerkt onder het niveau van de wet in formele zin, terwijl de verantwoordelijke staatssecretaris vooraf geen toezeggingen heeft willen doen om het parlement bij de opstelling van de betreffende AMvRB’s te betrekken. Aldus tast zelfs het Nederlandse parlement (weliswaar verwijtbaar) in het duister over tal van cruciale zaken.

Zo bezien lijkt hier dan ook sprake te zijn (geweest) van een dubbel (of zelfs driedubbel) democratisch tekort: 1) bij gebrek aan openbare informatie hoefden bewindspersonen zich tegenover het parlement amper over relevante zaken te verantwoorden, en 2) tegelijkertijd werden diezelfde bewindspersonen door het parlement nauwelijks gedwongen om informatie te verstrekken, terwijl 3) de media (op enkele uitzonderingen na) deze situatie jarenlang lieten voortduren.

In de parlementaire geschiedenis kwamen de beginselen effectiviteit en efficiëntie vooral impliciet (en nauwelijks bediscussieerd, laat staan publiekelijk aangetoond) in beeld als zijnde inherent aan de (beleids)doelen die voor de invoering van het biometrische paspoort achtereenvolgens werden genoemd: modernisering en betere beveiliging van het paspoort, elektronische identificatie, bestrijding van (look-alike) fraude, betere (elektronische) dienstverlening aan de burger en geautomatiseerde identiteits- en grenscontrole.

Ook lijkt men zich nooit te hebben afgevraagd of een centrale, online raadpleegbare database met de biometrische gegevens van 16 miljoen Nederlanders op termijn niet juist tot (veel) meer identiteitsfraude en andere problemen zou kunnen leiden, hetzij van binnenuit (door inherente technische onvolkomenheden en foutmarges, menselijke corruptie of datalekken), hetzij van buitenaf (hacking).

Tegelijkertijd blijkt look-alike fraude met Nederlandse reisdocumenten de laatste jaren reeds een relatief kleinschalig fenomeen te zijn geweest. Deze constateringen roepen dringende vragen op over de algehele effectiviteit en efficiëntie van de nieuwe Paspoortwet. Hetzelfde geldt voor het biometrische paspoort als middel voor terrorismebestrijding, aangezien terroristen meestal authentieke reisdocumenten gebruiken.